ASOC Magazine 2016-02

 

Embed or link this publication

Description

ASOC Magazine 2016-02

Popular Pages


p. 1

Nieuws over de National Day - Terugblik beurs Rosmalen 2016-2

[close]

p. 2

Colofon Voorzitter Het voorzitterschap wordt tijdelijk waargenomen door het secretariaat. Secretaris Sylvia Cats Hoeksedijk 20, 3299 AG Maasdam Tel.078 - 6761736 / 06-21135894 secretariaat.asoc@upcmail.nl Penningmeester Gerrit Markink Irenestraat 29, 6824 LM Arnhem Tel.026 - 443 96 04 g.markink1@upcmail.nl Auto registratie Chris Baggel Boomstede 598, 3608 BN Maarssen Tel.0346 - 560653 chrisbaggel@armstrongsiddeley.nl Technische Adviezen Ton van Zelst gaarne ’s avonds na 19:00uur Tel.070 - 3279058 / 06-27083039 tonvanzelst@hotmail.nl Otto Baggel gaarne ’s avonds na 20:00uur Tel.0346 - 56 96 91 ottobaggel@armstrongsiddeley.nl Coördinator Meetings en Rally’s Ron Janssen Koekoekhof 10, 2496 LM ’s Gravenhage Tel.015 - 310 04 80 ron-janssen@ziggo.nl Redactie Edwin Bos Hoeksedijk 20, 3299 AG Maasdam Tel.078 - 6761736 / 06-53711138 secretariaat.asoc@upcmail.nl Webmaster Gerrit Markink en PJ Bol Contributie Contributiebetaling in Nederland door overmaking van het bedrag op Rabobank rekeningnummer IBAN: NL89RABO0127656855 t.n.v. Stichting A.S.O.C. Dutch, Irenestraat 29, 6824 LM Arnhem Contributiebetaling buiten Nederland door overmaking van het bedrag op: IBAN: NL89RABO0127656855 BIC: RABONL2U t.n.v. Stichting A.S.O.C. Dutch, Irenestraat 29, 6824 LM Arnhem Contributie 2015: € 35,Contributie Jeugd tot 18 jaar: € 17,50 ASOC Engeland Lidmaatschap Armstrong Siddeley Owners Club in Engeland: Peter Sheppard, 57 Berberry Close, Bourneville, Birmingham B30 1 TB Engeland membership@siddeley.org Tel. 0044 -1214590742 Editor "Sphinx", het Engelse Magazine van ASOC: Andy Blatchford, 233 Yorktown Road Sandhurst, Berkshire. GU47ORT sphinx@siddeley.org Magazine Gegeven adviezen in ons Magazine Stichting A.S.O.C. Dutch of elders zijn ter goeder trouw. Het bestuur en de redactie aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid of verantwoordelijkheid voor deze adviezen. Website www.armstrongsiddeley.info Kopij Kopij verzenden aan: het secretariaat van ASOC dutch Hoeksedijk 20 3299 AG MAASDAM secretariaat.asoc@upcmail.nl Uiterste inleverdatum kopij volgende magazine: 1 juni 2016 Uitgave Dit blad komt tot stand in samenwerking met Editoo. Bij de voorplaat..... De ASOC stand vlak voor de opening van de British Cars & Lifestyle beurs in Rosmalen, maart 2016 2

[close]

p. 3

Evenementenkalender 2016 1 mei ASOC voorjaarsmeeting Ammerstol zie magazine 2016-1 20-21 mei Spring Autojumble Beaulieu, UK www.beaulieu.co.uk 16-19 juni German Armstrong SiddeleyWasserliesch, Duitsland Thomas Klein, zie magazine 2015-5 Tour 2016 juni ? Barbeque Berkel en Rodenrijs datum wordt nader bepaald, info bij het secretariaat 19 juni Nationale Oldtimerdag LelystadLelystad www.oldtimerdaglelystad.nl 26 juni British Autojumble Waalwijk secretariaat 15-17 Juli National Rally ASOC UK Himley House, UK ASOC UK of het secretariaat 31 juli Nationaal Oldtimer Festival Circuitpark Zandvoort www.nationaaloldtimerfestival.nl 7 augustus Picnicrit met de JDCH Bussloo/Voorst P. Ruifrok, 0611923166 3-4 september Beaulieu Autojumble UK www.beaulieu.co.uk 10-11 septem-ASOC DND ber de Veluwe informatie volgt later De hele club van de DND 2015, op naar de DND 2016!!! Inhoudsopgave Colofon Evenementenkalender Inhoudsopgave Mededelingen van het bestuur Vooruitblik National Day 2016 Terugblik British Cars & Lifestyle 12 en 13 maart Herinneringen aan Armstrong Siddeley van Ron Critchlow Abels column Coachline Ladies page Speurtocht door gedigitaliseerde archieven Techniek, de stroboscooplamp Te koop aangeboden, Aankondiging Picknickrit, Penn Bradley's Final Book 3 2 3 3 4 5 6-7 8-9 10 11 12 13 14 15

[close]

p. 4

Van de redactie Het is me niet gelukt om in dit magazine alle artikelen te plaatsen die waren ingestuurd. Best een luxe probleem voor de redacteur! Maar uw artikel wordt geplaatst, daar komt binnenkort zeker een plaatsje voor vrij. Er is in het voorjaar ook zoveel aan te kondigen, je merkt dat iedereen enthousiast is en er graag weer op uit trekt met de klassieker. Wij hebben als ASOC Dutch de vuurdoop gehad met de British Car & Lifestyle beurs in Rosmalen en dat was best weer een geslaagd weekend met alle belangstelling voor ons merk en zeker ook voor onze kleine club. Het volgende evenement staat ons op 1 mei te wachten, de voorjaarsrit. Altijd druk bezocht en de echte start van ons seizoen. Verder in het magazine een wat uitgebreidere aankondiging van de DND 2016 waarvan de voorbereidingen in volle gang zijn. Het volgende magazine zal volledig zijn gewijd aan de DND met het programma in detail en alle informatie die u nodig heeft. Door enige problemen met de gezondheid van Otto Baggel is onze technische meeting helaas niet door gegaan. Gelukkig is Otto zelf inmiddels volledig nagekeken en kan hij er weer vele kilometers tegen aan. Ik hoop dat u ondanks het gemis van onze technische meeting de auto de nodige aandacht heeft gegeven om er weer ongestoord mee te kunnen toeren. Het ontbreken van APK keuringsplicht voor alle Armstrong Siddeley's is zeer comfortabel maar beschouw het, vanwege de veiligheid van u en de mede weggebruikers, als een plicht om het onderhoud van uw klassieker niet te verwaarlozen. Voor technische adviezen kunt u in de colofon zien wie daar voor te benaderen zijn binnen onze club. En verder zijn er plannen voor een technische meeting, Ron Janssen zal u daar van de hoogte houden. Tot ziens op 1 mei, Edwin Bos meester Otto ASOC Beurzen en Evenementen 2016 Beste clubleden op 1 mei hebben we onze eerste voorjaarsrit georganiseerd door Abel, ik hoop een groot aantal clubleden daar te ontmoeten met of zonder auto. De British Cars & Lifestyle was erg gezellig, een lancaster met een vliegtuig er boven en een 17 HP Shooting Brake in restauratie bracht een hoop mensen op onze stand. Ik denk dat we onze auto’s op een mooie manier onder de aandacht hebben gebracht. In overleg met Otto ga ik kijken of we de technische meeting die we hebben moeten uitstellen op een latere datum dit jaar nog kunnen inplannen. Ik ben nog steeds op zoek naar clubleden die een leuke toerrit in hun omgeving willen maken voor de club. Geef je op voor een leuke rit of een gezellige koffieklets op een leuke locatie in jullie woonplaats. Ron Janssen 06-53604654, Ron-janssen@ziggo.nl Een hagel nieuwe Hurricane Pennock. 4

[close]

p. 5

Met de Dutch National Day dit jaar, 9,10 en 11 september, nemen we jullie mee op mooie tochten over de Veluwe en bijzondere bezienswaardigheden. Op de vrijdag is de dag van aankomst en ontmoeten we u graag s’ middags. Zaterdag bezoeken we het park de Hoge Veluwe. Tevens bezoeken wij het KröllerMüller museum met de van Gogh expositie en de beeldentuin. Er is ook volop tijd om het park te verkennen, te voet of te fiets. Dan kunt u genieten van de prachtige natuur , het jachtslot en u kunt het Museonder bekijken. In de namiddag maken we een toertocht over de Veluwe. In de avond houden we het traditionele buffet, bij van der Valk hotel Arnhem. Op zondag maken we een toertocht en maken gebruik van de Openmonumenten dag door een bezoek te brengen aan een van de monumenten. De tocht zal eindigen bij hotel de Wageningsche Berg. Er is een mogelijkheid om in van der Valk hotel Arnhem te overnachten. Daarnaast is er ook een prachtige camping uitgezocht met uitzicht over de Veluwe. Camping de Lindenhof. Nadere informatie komt in het volgende clubblad. Vooruitblik Dutch National Day 2016 In het weekeinde van 10 en 11 september houden we weer onze traditionele ASOC Dutch National Day, het is inmiddels al weer de 7e editie. Deze keer is de gekozen locatie Hotel van der Valk Arnhem vanwaar wij de activiteiten gaan organiseren. De vrijdag zal in het teken staan van elkaar ontmoeten, inchecken en bijpraten. Op zaterdag staat een bezoek gepland aan de Hoge Veluwe en daar gaan we zeker een bezoek brengen aan het Kröller Muller museum en er is ook tijd voor het bekijken en bezoeken van het slot maar ook kan er genoten worden van de prachtige natuur in het park, lopend of fietsend of met de auto. In het Park is een restaurant en daar kunnen we een lunch gaan gebruiken. In de middag verlaten we het park weer en gaan dan een toertocht rijden waarbij we in ieder geval langs radio Kootwijk rijden. Waarlangs de tocht verdergaat blijft nog even een verrassing. Zaterdagavond hebben we een zaaltje gereserveerd bij van der Valk waar we kunnen gaan genieten van een koud en warm buffet. Voor de zondag staat een toertocht gepland die ons zal leiden over de Veluwe met een bezoek aan een monument, de middagstop zal bij een nog nader te bepalen restaurant zijn. Daarna vervolgen we de tocht en komen uiteindelijk uit bij hotel de Wageningsche berg, het eindpunt van de meeting. Hier kunnen we genieten van het prachtige panorama over de Rijn en is er de mogelijkheid voor een heerlijk hapje en een glaasje drinken alvorens de terugreis te hervatten. Voor zij die een hotel overnachting willen boeken hebben we bij Van der Valk 10 comfort kamers gereserveerd, de prijs is €104.50 inclusief ontbijt. Reservering kan door een mail te sturen naar sales@arnhem.valk.com geef daarbij de volgende code op: GF24448. Voor diegene die wil kamperen is er op een afstand van 2 km van het Hotel een camping gelegen tegen een prachtig natuurgebied. Reservering voor de camping kan door een mail te sturen naar info@camping-lindenhof.nl geef daarbij aan dat het gaat om de DND van de Armstrong Siddeley Club. Overige informatie zal vermeld staan in het volgende magazine, de DND editie. We hopen op uw deelname aan dit mooie weekend in de prachtige omgeving rondom Arnhem en reserveer alvast uw verblijf. Het bestuur. 5

[close]

p. 6

Terugblik British Cars & Lifestyle Op 12 en 13 maart was er in het autotron in Rosmalen de British Cars & Lifestyle beurs. Voor ons was het alweer de achtste keer dat we hiervoor hadden ingeschreven. Normaal is het een weekend waarin ik altijd wel een beetje kan uitrusten. Sylvia regelt het meeste voor het opbouwen van de stand en de auto’s werden altijd verzorgt door enthousiaste leden, dus voor mij was het meer aanwezig zijn en wat praten met die en gene. Dit jaar was het echt anders. Ik had bedacht om de rode Lancaster mee te nemen en daarbij het schaal model van het Lancaster vliegtuig met een spanwijdte van 3 meter. Om dat vliegtuig goed uit te laten komen wilde ik het boven de auto hangen een daarvoor zou ik dan ook nog iets moeten bedenken. Hoe moeilijk kan je het jezelf maken. Maar goed, in de weken vooraf aan de beurs kocht ik een tweede hands zweef parasol en plaatste deze met een standaard in de grond in de tuin. De parasol schroefde ik eraf en daarna kon de Lancaster eronder proefhangen. Dat ging buitengewoon goed. Om de boel op de beurs ook recht op te houden moest er nog een rekje worden gelast waar de parasol opgeschroefd kon worden en dan met het achterwiel van de auto erop rijden voor een stabiele constructie. Leuk bedacht vond ik zelf maar veel tijd voor het maken was er al niet, dus de eerste test was meteen op de beurs. Op vrijdagochtend begonnen we al vroeg met laden. De auto op een ambulance en ik kon van Bart en Elisabeth Middelkoop de Volkswagen Transporter gebruiken als trekkend voertuig en ook nog met een lekkere grote laadruimte, we hadden heel wat mee te nemen. We waren al vroeg op de beurs en konden met de auto's via de lift naar ons vertrouwde plekje rijden om te lossen, lekker makkelijk. Toen ik met de Transporter weer de lift afreed arriveerde net de tweede Armstrong Siddeley voor onze stand. Ron Janssen had al eerder toegezegd zijn 17HP Shooting Brake klaar te stomen voor de beurs. Dit zou de eerste keer zijn dat we een restauratie project op de stand hebben. De Armstrong Siddeley was dan nog niet af maar zeer de moeite waard om te showen. Met de nodige hulp werd de 17HP ook naar de stand gerold en daar bouwden we het geheel in een paar uur op, Ron deed de 17HP, ik de Lancaster en het vliegtuig en Sylvia alle tafels, stoelen en de verdere aankleding. Rond 14.00uur waren we gereed en konden naar huis. De beurs kon beginnen wat ons betreft. Het is altijd afwachten of het druk wordt zo'n weekend. Wat voor invloed het weer daar op heeft is niet bekend. Een mooie beurs om te bezoeken bij slecht weer zou je denken, maar ook een leuk ritje met de klassieker richting de beurs bij mooi weer. Hoe dan ook, het was al die jaren zeer goed bezocht en ook dit weekend was het best druk, op sommige momenten zeer druk. En ook wij hadden veel bezoekers op de stand. Je ziet dan ook dat een restauratie project veel belangstellenden trekt, van mensen die soms ook met een project bezig zijn of nieuwschierig zijn hoe zo'n auto er nu onderhuids uitziet. Voldoende belangstelling dus en zoveel mensen om mee te praten. Op zaterdag was er iemand op de stand die naar de Lancaster wees en vertelde dat hij er ook zo een had gehad in de jaren tachtig. Hij noemde zijn 6

[close]

p. 7

naam, Franc Reefman, en toen werd het me direct duidelijk dat deze man ooit in het bezit was van de blauwe Lancaster 16HP waar ik al zoveel mooie kilometers mee hebt gereden. Hij had deze auto zelf opgehaald in Bournemouth om er enige jaren in te rijden. Zo zie je maar, telkens krijg je weer een stukje van de geschiedenis van een auto erbij. Na een lange zaterdag op de beurs konden we rond 17.00uur naar huis en even uitrusten voor de tweede beursdag. De zondag was al even goed bezocht, ook gelukkig een flink aantal ASOC deelnemers net als op zaterdag en verder weer vele verbaasde gezichten bij het zien van het vliegtuig. De uitleg van de connectie van de Lancaster met vleugels en de Lancaster saloon was voor de meesten compleet nieuw. Pas na 16.00uur nam de drukte wat af en zelfs nog tegen het sluiten van de beurs was er belangstelling op de stand. Maar toen zijn we toch gestart met het opruimen en inladen van alle materialen. Dat ging redelijk snel met alle hulp van de ASOC leden die er nog waren. De Lancaster werd volledig vol geladen met zoveel mogelijk materiaal en Otto nam het stuur in handen om zover mogelijk naar de lift te rijden, dat lukte buitengewoon en de auto stond op slechts enige plaatsjes van de lift in de wachtrij. Ik was intussen met de resterende spullen in een rolcontainer en nog een vliegtuigromp onder de arm op weg naar de Transporter en met zoveel helpende handen was alles snel geladen. We namen afscheid van alle hulpvaardige leden die naar huis gingen en Sylvia en ik gingen terug naar de stand voor een laatste controle en het ophalen van de auto die nog netjes in de rij stond voor de lift. Na een uurtje geduldig wat stukjes opschuiven was het onze beurt en konden we de lift op. Daarna ging het allemaal vlot. Even de tijd genomen om de auto goed op de ambulance te plaatsen en vast te zetten en toen nog ruim een uurtje rijden naar huis. Daar maar meteen gelost en alle spullen weer netjes op zijn plaats gezet. Uiteindelijk zaten we om 21.30uur aan de koffie, een beetje moe meer zeer tevreden over dit geslaagde weekend. Met dank aan Jos, Gerrit, Henk, PJ, Ron, Otto en Chris voor de hulp. Edwin Bos 7

[close]

p. 8

Herinneringen aan Armstrong Siddeley van Ron Critchlow Soms liggen er verhalen op de plank. En soms… liggen ze er net iets te lang. Tijd om wat stof af te blazen en te gaan typen. Na een leuke British Cars & Lifestyle beurs in Rosmalen (in 2015!!!), had ik wat foto’s en een filmpje van de ASOC clubstand op Facebook geplaatst. Een van onze Facebook vrienden reageerde hierop, dat de kleuren van de auto’s niet origineel waren en dat hij in de 7 jaar dat hij bij Armstrong Siddeley Motors (ASM) had gewerkt, nog nooit auto’s in deze kleuren de fabriek had zien verlaten. Het feit dat hij bij ASM had gewerkt trok mijn aandacht. Ik heb zijn email gevraagd en contact met hem gezocht. Hierbij een samenvatting van zijn verhaal uit onze correspondentie: Ron Critchlow is 85 jaar en woont in Honiton, Verenigd Koninkrijk. Vanaf 1945 werkte Ron 5 jaar als automotive leerling bij ASM, waarbij hij alle automotive afdelingen van ASM heeft doorlopen. Daar waar veel leerlingen volgens de algemene procedure na hun stage het bedrijf verlieten en de wijde wereld introkken om meer ervaring op te doen, waren er ook gevallen, waarbij ASM besloot, dat ze mensen met specifieke vaardigheden graag wilde behouden. Zo ook in het geval van Ron. Na zijn 5 jaar als leerling, trad hij in dienst bij ASM tot aan zijn militaire dienst bij de R.A.F. in 1952. In deze laatste jaren werkte hij op de Experimental Department als volledig gecertificeerd automotive ingenieur. Zijn laatste verantwoordelijkheid daar, was het runnen van de Experimental Engine Test Department. In deze functie was hij diep be- trokken bij de ontwikkeling van de Sapphire motor en de 3 liter motor welke W.O. Bentley ontwikkelde voor Armstrong Siddeley. De man verantwoordelijk voor ontwikkeling was destijds John Densham. Hij kwam bij Riley vandaan en was opgeleid door welbekende Riley mensen tijdens de vooroorlogse periode. Hij was een REME (Royal Electrical and Mechanical Engineers) officier tijdens de oorlog en goede vriend van Dixon bij Riley, welke de meeste Riley racers prepareerde. Er was destijds veel politiek gaande bij ASM en er werd veel geld verkwist, maar zoals Ron en vele anderen zeiden: dat ondanks de zwakke punten van de Sapphire, hij zeker beter was dan de Jaguar van die tijd. Ron geeft aan dat je veel verhalen zal horen en lezen over de racewagen van ASM, de Sphinx op Allard chassis met Sapphire motor. Freddy Allard was hoofd ontwerper en een goede vriend van Densham. De Sphinx was een speeltje van Tommy Sopwith, de zoon van de grote baas T.O.M. Sopwith, de Director van ASM en Chairman van de Hawker Siddeley Group. De Sphinx was volgens Ron in zijn geheel niet succesvol, aangezien de krukaskast onvoldoende sterkte had voor het vermogen wat de motor ontwikkelde. De motor had volgens zijn zeggen een slechts 3x gelagerde krukaskast. Op 1 januari 1952 was Ron aangewezen voor het testrijden met het prototype Sapphire (motor). Dit was nog met een Whitley body. Hij reed Coventry uit op weg naar Londen en onderweg raakte hij de macht over het stuur kwijt op een gladde ijzige weg. Om de auto te stoppen en om een aanrijding met een vrouw met kinderwagen en klein kind te voorkomen, reed hij de auto tegen een boom aan. Hiermee was de auto gedeeltelijk total loss, maar met deze actie redde hij wel het kind. Hij zelf belande in het ziekenhuis en werd tijdelijk arbeidsongeschikt. 8

[close]

p. 9

Ron heeft het genoegen gehad om de oude kolonel Siddeley te ontmoeten, tijdens één van de nachtelijke bezoekjes die Siddeley aan de fabriek maakte, waarbij hij wel eens opdook op de testafdeling. Volgens Ron was het een aardige man. Gezien zijn tijd dat Ron werkte op de Experimental Department, heb ik navraag gedaan naar enkele “one offs”, waaronder ook de auto ontworpen door carrosserie bouwer Graber uit Zwitserland. Wellicht qua design de voorloper van het neusje van de Sapphire. Ron: Ja, we hadden de Graber auto in “gevangenschap” op de Experimental Department. Het was een “pet project” toegewezen aan een man genaamd Griffiths. Niemand anders mocht in deze auto rijden en deze auto is volgens mijn geheugen ook nooit in Engeland gemaakt. Griffiths stond op de loonlijst van ASM, maar in welke hoedanigheid of in welke functie weet ik niet. Het enige wat hij leek te doen was rondrijden in de Graber auto. Waarom is Ron na zijn militaire dienst niet teruggekeerd bij ASM? Midden jaren 50 liep de productie van auto’s terug en aandachtgebieden verschoven naar andere onderdelen binnen de industrie, zoals vliegtuigmotoren. Daarnaast was er destijds veel interne politiek gaande bij ASM en veel senior medewerkers verlieten ASM in hoog tempo. Ron heeft zijn carrière voortgezet als Director of Engineering and Sales of als Managing Director bij o.a. Dunlop, Ferodo Italy, Clevite Italy, Sun Electric Italy, Wilmot Breeden, GKN, Tecalemit, Bradbury en de laatste 5-6 jaar bij Ravaglio U.K. Ik mocht van Ron zijn verhaal publiceren, mits het authentiek bleef en niet gedramatiseerd werd. Ik heb het verhaal van Ron Critchlow laten verifiëren door enkele Armstrong Siddeley historici en zijn verhaal wordt hier en daar in twijfel getrokken. Zeker zijn kennis van de motor van de race Sphinx. Dus in hoeverre feiten en fictie in Ron’s geheugen door elkaar lopen, zal ik niet met zekerheid kunnen zeggen. Het levert in ieder geval erg leuk en interessant verhaal op uit het geheugen van een ex-werknemer van Armstrong Siddeley Motors. Chris Baggel 9

[close]

p. 10

Abels column We gaan weer een kleine zestig jaar terug in de tijd. Er stond een advertentie in de krant, waarin een hulpchauffeur bij een trouwautobedrijf werd gevraagd. Leek me wel wat, want je tijd verdoen met studeren stond me niet erg aan en ik had het restaureren van oldtimers nog niet ontdekt als meer zinrijke tijdpassering. Na een proefrit in een Dodge halfautomaat uit 1948 werd ik aangenomen voor Fl. 1,50 per uur. Met andere hulpchauffeurs moesten we trouwstoeten rijden naar het stadhuis, de kerk en/of het feestzaaltje. Dat er wel eens iets mis ging spreekt haast vanzelf. Maar eerst dit, voor een goed begrip. Leiden in de jaren vijftig kende slechts twee kruispunten met verkeerslichten. De verkeersregelaar /agent die hoog in zijn hokje (de Duiventil genaamd) de lichten op de Koorvaarstraat bediende, had een luidspreker tot zijn beschikking. Als je nog net door oranje glipte zette hij ‘m op maximaal volume en kreeg je een scheld- en dreigkannonade over je heen, vaak met je naam erbij want hij kende de halve stad, al dan niet op wielen, uit z’n hoofd. Je mocht destijds letterlijk overal rijden, zelfs in de smalle stegen, zij het dat je dan soms moest uitstappen om fietsen te verzetten. Aldus konden diverse trouwpartijen door elkaar heen georganiseerd worden. Maar goed, ik was nog te onervaren om zelf zo’n grote luie bak te besturen en moest in de begintijd palfrenier zijn, dat wil zeggen naast de baas in de bruidscoupé zitten en portieren openhouden. Dat ging de eerste keer in november 1959 al mis op het Stadhuisplein. Het was de bedoeling dat ik eerst het portier bij de bruidegom – linkerzijde – opende, dan met deze achter om de auto heen naar de deur van de bruid moest lopen. De bruidegom doet die open en helpt zijn bruid uitstappen en wacht even totdat de fotograaf z’n plaatje heeft geschoten, alvorens gearmd het Stadhuis binnen te schrijden. Alles ging goed, zij het dat ik in mijn zenuwen – waar je maar nerveus van kunt worden – de deur aan de linkerzijde open liet staan. Het woei stevig, zoals het in november hard behoort te waaien. Toen nu de bruidegom de rechterdeur opende blies de krachtige wind door de wagen en greep de sluier der uitstappende bruid. Op dat moment wierp ik – nog steeds zenuwachtig – die rechterdeur al dicht. Vliegensvlug om de auto heen om die linkerdeur alsnog te sluiten, want we moesten voortmaken om een ander bruidspaar uit de kerk te halen en bij het feestzaaltje af te leveren. Op het dichtslaan van de deur trok de chauffeur op, terwijl de sluier tussen deur en sponning werd gevangen. De rijdende auto sleurde de hoofdtooi van het hoofd van de jonge vrouw af. Het witte kapje met bloempjes versierd en een sleep, een paar meter lang, wapperde achter de optrekkende auto aan. Ik sprintte er hevig ontdaan achteraan. Nu was mijn uniformjas met de gouden tressen erg lang uitgevallen, in tegenstelling tot mijn benen. Ik struikelde dus al na tien meter over de zoom van de jas. Mijn pet met de glimmende klep viel me van het hoofd, waarbij de krant die ik in de binnenrand had gepropt, omdat de pet veel te groot was, door de wind gegrepen werd. De fotograaf legde het allemaal vast… Een paar weken later hadden we een trouwtje op het zwaar gereformeerde Rijnsburg. Het paar moest naar de kerk gereden worden en zat met stijve gezichten zo ver mogelijk van elkaar achterin. Dat gebeurde wel vaker, want trouwen is zenuwslopend. De man van het stel in spe was wel twintig jaar ouder. Zijn jonge bruid, net twintig, had al een zwellend buikje. Tja, zo ging dat in die jaren. Mijn baas, een krasse zestiger, voelde de ijzige sfeer en trachte deze met een grapje te doorbreken. ‘Dan komt straks het zwaarste werk nog, meneer,’ zei hij tamelijk tactloos. ‘Wat bedoelt u, chauffeur?’ antwoordde de geïrriteerde bruidegom. ‘U zult de bruid nog over de drempel moeten dragen…’ Ook dat was misplaatst want de jonge vrouw in kwestie woog wel negentig kilo. Het ijzige zwijgen ging voort. We naderden de kerk. Ineens buigt de bruidegom zich naar voren. ‘Doorrijden chauffeur!’ ‘Maar we zijn er haast. De koster rolt de loper al uit.’ ‘Doorrijden zeg ik u. Het gaat niet door!’ Bij de kerk aangekomen heb ik de koster ingelicht. Die zei dat het hem niets verbaasde. Mijn baas heeft het stel weer bij de wederzijdse woningen afgeleverd. Een tijd lang ging alles goed tot in de winter van 1960 een onhandigheid aan mijn korte carrière een einde maakte. Wie het Groene Kerkje in Oegstgeest kent, weet dat het op een terpje is gebouwd. Wij hadden onze “hoge ruggen” – zo noemde wij die oude Dodge zespitters – op de oprit geparkeerd en natuurlijk op de handrem gezet. Die was van het type draaien en vergrendelen. Als je niet krachtig naar rechts draaide, bestond er een risico dat de rem losschoot. Het was bitter koud. Wij zijn met z’n vieren in een van de wagens gaan zitten om bij draaiende motor te kaarten of te kletsen onder het genot van in een thermosfles meegenomen koffie. Het is na drie of vier potjes hoog tijd. De dienst zal afgelopen zijn en we moeten voorrijden. So far so good, maar een mijner collega’s zegt, voordat we uitstappen om naar onze auto’s te gaan, dat hij denkt dat mijn hoge rug beweegt. Ik kijk en meen aanvankelijk dat het gezichtsbedrog is, maar na een paar seconden zie ik het ook. De Dodge maakt duidelijk vaart en rolt achterwaarts de terp af in de richting van de vrij nieuwe Chrysler Windsor de Luxe. Ik spring uit de heerlijk warme auto en spurt achter de Dodge aan. Ik slaag erin de auto in te halen, de deur te openen en achter het stuur te springen. Te laat evenwel want een daverende klap verraadt dat de Chrysler geraakt is. Deze wordt door de zware Dodge van de oprit afgeduwd en belandt in het struikgewas. Ik weet de Dodge voor eenzelfde lot te behoeden en trap op de rem. Op datzelfde moment spreekt de predikant zegen en votum uit en begeeft het paar zich na enige ogenblikken naar de uitgang. Daar is inmiddels een volgauto voorgereden. De chauffeur put zich uit in verontschuldigingen. De kerkgangers, in dikke kledij gehuld, hebben het ongeval al gezien en staan meesmui- 10

[close]

p. 11

lend te kijken naar de jonge chauffeur die wanhopig probeert de bruidscoupé uit z’n benarde positie te bevrijden. Nee, dat ging niet. De onfortuinlijke auto moest later afgesleept worden. De huwelijksfotograaf legde het toch wel vermakelijke tafereeltje vast en zond de foto in bij het plaatselijke krantje. Professor Glastra van Loon, mijn docent Rechtswetenschappen en Rechtsfilosofie, de latere Staatssecretaris van Justitie, die in Oegstgeest woonachtig was, sprak mij een paar dagen later aan. ‘Kan het zijn, meneer De Jong, dat u prominent figureert in onze locale periodiek?’ ‘Dat betwijfel ik professor,’ trachtte ik het naderende onheil af te wenden, ‘ik vrees dat er sprake is van een persoonsverwisseling.’ ‘Ik niet,’ zei de hooggeleerde heer. ‘Ach, weet u, meneer De Jong, je hebt twee categoriëen juristen: zij die de publiciteit zoeken en zij die op de achtergrond wensen te blijven.’ Ik vreesde bij voorbaat al gezakt te zijn voor het naderende tentamen Inleiding tot de Rechtswetenschappen. Ik slaagde niettemin voor het mondelinge tentamen. Want, zo meende de professor, anders zou ik dubbel pech hebben. De schade aan de Chrysler viel erg mee want die Amerikanen van weleer hebben solide bumpers. Moet je nu eens om komen. Het betekende wel het einde van mijn loopbaan als hulpchauffeur. Abel Coachline Gio Wiederholt meldde het secretariaat dat hij eindelijk zijn biezen op de 346 had laten zetten. Coachline noemt men dat. Een serieus en geduldig werkje wat uiteindelijk niet lukte uit de hand. Dus het resultaat is behaald met tape. Ziet er goed uit Gio! 11

[close]

p. 12

Ladies page, Mode deel 1 Dameskleding tot 1870 Tot ver in de 19de eeuw droegen vrouwen per definitie nooit iets anders dan een lange jurk. Er waren hooguit wat variaties op het thema. Zo droeg een boerin of vrouw uit de werkende klasse meestal een schort over haar jurk. Meisjes van iets hogere stand hadden, afhankelijk van de mode, onderrokken onder hun jurk aan. Sommige daarvan waren ongelukkigerwijs voorzien van een stellage aan baleinen. De bedoeling hiervan was dat vrouwen er zo damesachtig en lieflijk mogelijk uitzagen. Het idee dat vrouwen of meisjes ook maar iets zouden dragen dat als mannelijk of jongensachtig bestempeld kon worden was onbespreekbaar. Binnen dit kader hadden ze ook altijd lang haar. Het ging zelfs zo ver dat vrouwen geen onderbroek droegen, want iedere suggestie van een broek was te mannelijk. In plaats hiervan droegen de dames niets, wat de lange rokken dan weer tot een noodzakelijkheid maakte. Een geleidelijke omslag door emancipatie Gedurende de tweede helft van de 19de eeuw kwam de traditionele damesmode onder druk te staan. Dat kwam omdat de jurken in een toenemend aantal situaties erg onpraktisch bleken te zijn. Dat had alles te maken met de eerste vormen van emancipatie voor de vrouw. Daarbij hadden twee ontwikkelingen hun weerslag op de kleding. - Vrouwen, met name de ongetrouwde, gingen steeds vaker buitenshuis werken, bijvoorbeeld in de nieuwe kantoren en warenhuizen. - Vrouwen kregen veel meer beweging door sport en nieuwe vormen van vervoer. Vanaf ongeveer 1870 kwam in toenemende mate andere soorten dameskleding op de markt, waarbij zowel de bovenkleding als de onderkleding op de schop ging. Uiteindelijk waren de veranderingen zo groot, dat deze het traditionele idee van damesmode zou ondergraven. Daarbij was de lengte overigens nog even niet in het geding. De kortere rok zou het kenmerk van de jaren '20 worden. De hieronder besproken kleding kwam echter nog voor de Eerste Wereldoorlog in zwang. Uit werken Vanzelf waren vrouwen uit de lagere klassen die als boerin, dienstmeisje of naaister moesten werken al eeuwenlang bekend met het fenomeen 'baan'. Dames van een meer burgerlijke statuur kenden dat echter niet. Dat veranderde in de tweede helft van de 19de eeuw. Enerzijds kwam dat omdat vrouwen steeds hoger opgeleid en geëmancipeerder waren, waardoor ze ook wilden werken. Anderzijds kwam dat omdat de vele nieuwe kantoren en warenhuizen die in deze tijd als paddenstoelen uit de grond rezen niet konden bestaan zonder vrouwelijke werknemers. De uitvinding van de typemachine heeft wat dat betreft de emancipatie van de vrouw in de hand gewerkt. Een typemachine is pas een waardevol apparaat als er ook iemand is om het te bedienen en daar waren niet genoeg (geïnteresseerde) mannen voor beschikbaar. En zo kreeg de (nog) ongetrouwde burgervrouw een kantoorbaan. Kantoorkleding Al snel bleek dat er voor deze vrouwen een gepaste vorm van kleding moest komen. Uit werken gaan lukt niet in een jurk die je steeds omhoog moet houden als je loopt, omdat je anders over de rokken struikelt. Kantoorkleding moest comfortabel zitten en tegen een stootje kunnen, maar toch ook netjes zijn. Modeontwerpers kwamen uit bij de onderstaande twee kledingstukken. Het mantelpak Feitelijk bestond het mantelpak al wat langer als reiskleding voor rijke dames, maar in die hoedanigheid kwam het slechts in een enkele klerenkast voor. Nu werd het idee geschikt gemaakt voor de werkende vrouw. In de jaren '90 van de 19de eeuw nam de populariteit van het mantelpak snel toe. Het mantelpak bestond uit een kort jasje met hoge kraag en een losse, lange, rechte rok. Er werd stevige stof gebruikt, zoals bijvoorbeeld tweed. Het mantelpak was niet meteen een goedkoop kledingstuk, want net als de jurken werd het op maat gemaakt door de kleermaker. Het zandloperfiguur dat destijds sterk domineerde in de mode en tot stand werd gebracht via knellende korsetten, werd aanvankelijk gehandhaafd, maar zou vanaf 1908 inboeten. De blouse Deze werd onder het mantelpak gedragen en hoorde dus in principe bij het kostuum. Dat nam niet weg dat het nieuw was voor vrouwen om een losse blouse te dragen. De blouse werd frivoler gemaakt dan het pak, om het geheel wat op te fleuren. Hij zat vol ruches, stiksels en kant. Toch bleef het een tamelijk kuis kledingstuk dat hoog in de hals sloot met een boordje van baleinen. Niettemin werd de blouse een doorslaand succes door de combinatie van gemak en modieusheid. Vrouwen gingen hem steeds meer dragen, uiteindelijk zelfs naar het theater of de opera. Wordt vervolgd. Sylvia Cats Het mantelpak 12

[close]

p. 13

Speurtocht door gedigitaliseerde archieven In ons vorige magazine 2016-1 staat op pagina 9 een klein fotootje van een Armstrong Siddeley Sapphire die het Willemsplein in Arnhem op draait. Het is een gedeelte van een ansichtkaart van het Willemsplein in Arnhem, afkomstig uit het Gelders Archief. Het unieke van deze Armstrong Siddeley is, dat het een Sapphire fourlight betreft. Van dit type zijn er conform de fabrieks informatie via Penn Bradly, maar 381 van gemaakt. We zien hier dus een zeer zeldzame auto. We hebben twee Sapphire fourlight’s in Nederland. Eén origineel in Nederland geleverd en een latere import vanuit Engeland. De “Nederlandse” is echter origineel two tone Silver Grey en Elephant Grey. En de auto op bloemen voor Koningin Wilhelmina markt Arnhem in mijn Pennock archieven. Het betreft hier een vroege Pennock, nog zonder aparte stadslichten en met gedeelde grill. De auto mist de overriders op de bumper en zoals het lijkt schijnen er tevens geen wieldoppen meer op te zitten. Uiteraard werd ik dol enthousiast over deze vondst en dook ik direct in wat andere beeldbanken op zoek naar meer. Misschien toch iets te enthousiast, want het is zoeken naar een speld in een hooiberg. Maar wie goed zoekt, kan worden beloond. Op de voorpagina van ons vorige magazine 2016-1 prijkte één van de weinige foto’s van de Koninklijke Hurricane van Koningin Wilhelmina die weg rijdt bij paleis Huis ten Bosch. Als aanvulling hierop vond ik nog 2 foto’s en informatie in de Haagse Beeldbank!!! Op 06 september 1947 maakt Koningin Wilhelmina in de Hurricane een uitgebreide rijtoer door de stad Den Haag. Tijdens de rijtoer krijgt de Koningin op het Oranjeplein een bos bloemen aangeboden van de 5 jarige Willy Holleman. Dit moment is mooi vastgelegd door de fotograaf. Op de andere foto zien we Koningin Wilhelmina bij terugkomst op Paleis Huis ten Bosch uitstappen. Met de bos bloemen! Andere bijzonder detail: de Koninklijke vlag op het linker voorspatbord. Deze foto’s met informatie zijn een mooie aanvulling op de geschiedenis van Armstrong Siddeley in Nederland. Mocht jij meer info weten over deze Armstrong Siddeley’s, neem dan even contact met mij op. Samen weten we immers meer dan één. Chris Baggel de foto is toch echt volledig in een kleur, vermoedelijk wit of crème. Interessant om nog eens verder te onderzoeken. Er zijn enthousiastelingen die alle beeldbanken op internet afspeuren op zoek naar auto’s met originele Nederlandse kentekens, deze kun je dan vaak weer terugvinden in het grote uitgebreide Nederlands Kenteken Archief. Op woensdagavond 30-03 controleerde ik het internet op nieuwe Armstrong Siddeley foto’s en ja hoor, wederom een nieuwe foto uit het Gelders Archief. Dit maal wederom een bijzondere foto. De foto staat in de beeldbank gedateerd op 1945, wat uiteraard niet klopt. We zien hier de Markt in Arnhem met op de voorgrond een Armstrong Siddeley met Haagse Pennock carrosserie. Ook het kenteken is nog leesbaar: PG-34-19. Deze Pennock was nog niet bekend Koningin Wilhelmina terug op Huis ten Bosch 13

[close]

p. 14

Techniek De stroboscooplamp. Het precieze tijdstip van de ontsteking van onze Armstrong Siddeley. Nadat we in het nummer 1 van 2016 de distributor en de ontsteking behandeld hebben, kijken we nog iets meer in detail naar het ontstekingstijdstip, door gebruik te maken van een stroboscooplamp. Een stroboscooplamp is een uitstekend hulpmiddel om de stand van het vliegwiel te bekijken wanneer een bougie haar vonk geeft. Elke keer als de bougie vonkt, produceert de stroboscooplamp een lichtflits van heel korte duur. Als de (4takt) motor regelmatig draait, komt de flits na elke 2 omwentelingen van krukas en vliegwiel, (en na elke omwenteling van de stroomverdeler as) terug. Als men de lichtflits op het vliegwiel richt, valt deze samen met de stand van het vliegwiel als de bougie ontsteekt. Het ziet er uit alsof het vliegwiel “stilstaat”. Die stand is dus precies de stand waarbij de ontsteking plaatsvindt. Bij stationair toerental van de 16 en 18 HP motor, ongeveer 600 rpm, werkt de centrifugaal vervroeging nog niet, en net als bij stilstand, moet de bougie ontsteken wanneer het vliegwiel 10 graden voor het bovenste dodepunt BDP van de corresponderende cilinder staat. 10 graden komt overeen met 2,67 tanden van het vliegwiel. De tand die correspondeert met het BDP is voorzien van een markering en deze is zichtbaar in de opening rechtsboven in het vliegwielhuis. Bij een hoger toerental wordt het ontstekingstijdstip extra vervroegd door twee centrifugaal gewichtjes die naar buiten draaien en via trekveertjes het draagvlak verdraaien waarop de contactpunten gemonteerd zijn. Met een eenvoudige stroboscooplamp kan het ontsteekmoment bij stationair toerental vastgesteld worden. De vervroeging meten, die het gevolg is van de centrifugaal vervroeging bij een hoger toerental of van het vacuümvervroegings mechanisme, blijft bij een eenvoudige stroboscoop beperkt tot het “zien verschuiven” van het ontsteekmoment, maar het vaststellen van het aantal graden vervroeging is nauwelijks mogelijk. Om de dynamische vervroeging, als gevolg van toerental en/of vacuüm te meten, kan men een stroboscooplamp gebruiken die beschikt over een Advance Timing Control. Een stroboscoop met advance timing control heeft een draaiknop waarmee men de tijd tussen de lichtflits en het ontsteekmoment van de bougie kan vertragen. Bij een gewenst toerental kan men de draaiknop verdraaien totdat de lichtflits samenvalt met het BDP, vervolgens leest men op een display of op de schaalverdeling van de knop van de stroboscoop de hoek van de voorontsteking af. De meeste stroboscopen zijn voorzien van een “pistool” handgreep met een trekker, de zogeheten trigger, waarmee de flitslamp geactiveerd wordt, nadat met de draaiknop een gewenste vervroeging is ingesteld. De stroboscooplamp beschikt over twee aansluitklemmen, zwart voor de min en rood voor de plus die direct op de accu worden aangesloten. Een derde aansluiting wordt verkregen door een schuifje met een ferrietkern als een op-piklus om de bougiekabel van bougie 1 of bougie 6 te plaatsen. De praktijk; het bepalen van het ontstekingstijdstip. Zorg eerst voor goede contactpunten die met de juiste opening zijn gemonteerd. Zoek op de tandkrans van het vliegwiel de tand met de markering van het BDP van cilinder 1 op. Met een streepje witte correctievloeistof kan dat punt nog duidelijker aangegeven worden. Breng de motor vervolgens op temperatuur, en maak eventueel de vacuüm- verbinding aan de stroomverdeler los, plak de opening van de vacuümleiding af met een stukje tape. Sluit de stroboscooplamp aan op de accu en verbind de pik-up-lus met de bougiekabel van bougie 1. Soms staat er een pijltje op de op-pik-lus, die moet naar de bougie wijzen. Start de motor en laat deze stationair draaien. Draai de draaiknop op de stroboscooplamp volledig naar links, en druk op de triggerknop. De lamp produceert nu lichtflitsen: richt deze flitsen op de tandkrans van het vliegwiel. Verdraai opnieuw de knop nu naar rechts totdat de gemarkeerde tand zichtbaar wordt in het flitsbeeld, en tegenover de markering op het vliegwielhuis staat. De stand van de draaiknop komt nu overeen met de voorontstekingshoek bij stationair toerental. De oorspronkelijke fabrieksafstelling is 10 graden, maar het gebruik van moderne benzine vereist een grotere voorontsteking om een goed rendement te halen. Met een voorontsteking van ca 18 graden, dat komt overeen met 5 tanden op de tandkrans, zijn goede resultaten behaald. Als het flitsbeeld alsmaar heen en weer schuift, is de op-pik-lus niet goed verbonden of mankeert er iets aan de bougie, de kabel, kap, rotor of distributiekap, of slingert de as in de stroomverdeler. De centrifugaal vervroeging kan getest worden door bij verschillende toerentallen: 1000, 2000, 3000 en 4000 toeren de vervroeging te bepalen. Breng de motor op het gewenste toerental, en draai de knop van de stroboscoop met de klok mee tot wederom de markering van het BDP in het flitsbeeld verschijnt. De stand van de draaiknop geeft het aantal graden voorontsteking aan. De manuals van Armstrong Siddeley zijn niet erg duidelijk over de optimale vervroeging bij diverse toerentallen, maar de specificatie van Lucas DVX6A vermeldt een centrifugaal vervroeging van 28 graden bij 4000 toeren. Met de stroboscoop kan men vervolgens experimenteren hoe de vervroeging met het toerental verloopt. De vacuümvervroeging kan men testen door de vacuümleiding weer aan te sluiten, en als je het helemaal precies wil doen, door de gewichtjes van de centrifugaal vervroeging te blokkeren. Op dezelfde wijze wordt nu bij verschillende toerentallen de voorontsteking gemeten, maar het bereik is wat kleiner: 24 graden bij 2400 toeren. Bij hogere toerentallen heeft vacuümvervroeging nauwelijks effect. Als alles weer aangesloten is komt de vervroeging van het vacuüm bovenop de centrifugaal vervroeging en kan de totale vervroeging tot wel 50 graden oplopen. Door de andere bougies te testen en te vergelijken kan men een beeld krijgen van eventuele slijtage en afwijkingen van het ontstekingsmechanisme. Afstellen door de stroomverdeler te verdraaien, en fijnafstellen met de micrometer fijnafstelling aan de zijkant van de stroomverdeler. Veel plezier gewenst met uw stroboscooplamp. Jos van Hartingsveldt 14

[close]

p. 15

Vooraankondiging Picknickrit en Concours d’Elégance 2016 Dit jaar zal de picknickrit van Regio Oost op zondag 7 augustus ook de gastheer zijn van het JDCH Concours d’Elégance. Op een oppervlakte van een halve hectare, vlakbij een tot restaurant verbouwde Saksiche boerderij aan het water in het gehucht Busloo tussen Apeldoorn en Deventer niet ver van de A1, is er voor beide evenementen ruim plaats. Tijdens het Concours strijden 39 klassieke Jaguars om vier prijzen: de mooiste “Classic Jaguars & Daimlers” (1897-1995), de “Young Jaguars & Daimlers” (1996-heden) en het neusje van de JDCH, de “Topklasse” (zij die al eens in één van deze categorien een eerste plaats behaald hebben). Daarnaast wordt er ook onder deze 39 Jaguars een publieksprijs weggegeven. Het Concours moet noodgedwongen beperkt blijven tot dit aantal. De jurering zou anders te veel tijd gaan innemen. Jaguars die niet aan het Concours willen of kunnen deelnemen, nemen uiteraard wel deel aan de picknickrit. Deelname is onbeperkt. Traditiegetrouw is er een ochtend en een middag rit met begin, einde en picknick (zelf meenemen!) bij of in de boerderij. Zoals U waarschijnlijk weet, staat de picknickrit ook open voor een beperkt aantal andere Engelse klassiekers. Eveneens traditiegetrouw worden altijd de DLOC (Daimler), de ASOC (Armstrong Siddeley) plus nog een aantal andere Engelse merken uitgenodigd. Ook onder deze categorie wordt een (tweede) publieksprijs weggegeven. We hebben er voor gekozen ook een ochtend rit te hebben, al valt die samen met het Concours en de jurering, omdat niet iedereen de hele ochtend op het terrein wil blijven. Evenementgegevens Concours d’Elégance – Picknickrit Datum zondag 7 augustus 2016, Aanmelden tot uiterlijk 23 juli. Inschrijven voor de picknickrit pruifrok@online.nl (Peter Ruifrok) 0570591150 of 0611923166 Picknickrit 9.00-16.00 uur bijzonderheden picknick zelf meenemen!. Kosten deelname € 12.50 per persoon. En voor hen die alleen aan de picknickrit deelnemen. U krijgt hiervoor koffie met iets er bij in de ochtend en aan het einde van de middag eveneens iets te drinken met een versnapering. En natuurlijk het traditionele Regio Oost rallyschild. Prijsuitreiking 16.00 uur, Diner (optioneel) vanaf 17.00 uur. De kosten van het diner bedragen € 29.50 per persoon (drie gangen inclusief 2 glazen wijn en koffie) Start, einde en picknickadres, Hofstede de Middelburg, Zandwal 1 te Voorst Te koop aangeboden De "AS-bijbel" van Bill Smith (Armstrong Siddeley Motors, the cars, the company and the people in definitive detail), nieuw in ongeopend plastic, originele prijs *** 75,--, voor € 65,--.Peter Blokland, Tilburg, tel. 06 - 20 96 21 03 of e-mail p.blokland@dktnotarissen.nl Penn Bradly’s final book A special hardback limited edition After what seems like a very long and, at times frustrating, odyssey, I have now received figures relating to the cost for this very limited production run. Most of you will be aware that I have set a figure of just 80 books, all of which will be numbered in series. I currently have requests for about 60 of these books. So I will have 20 more to find a home for. If you want one let me know now! When they’re gone, they’re gone. The Hardback linen covered bound copy will be available for 79,50€ (plus postage). My original thoughts about offering a Leather bound copy, as well as with a Slipcase have been rather torpedoed I’m afraid. The books will be printed in/near Mainz, which some of you will no doubt be able to appreciate the appropriateness of such a place for a special book – it being the town of Johannes Gutenberg who “invented printing from moveable metal type” (in Western Europe) in mid-15th Century. Once I am in receipt of the updated, corrected electronic version of the book, the printer/binder has said “about 2-4 weeks”. I’ll allow a bit longer! What I would now like is an email from each person confirming their request for the book, as well as a full name and post address. Some I do have, but duplication doesn’t do any harm. I look forward to receiving confirmation emails in the coming days. Additional information required in your email please: the books will be numbered 1/80 to 80/80. I already have requests for certain numbers. If you would like a particular number, please let me know – perhaps send me three choices just in case someone is quicker and your first choice has been taken. Gary Hall. siddeley@t-online.de Bij de achterplaat.... Vroeger moet het feest zijn geweest om benzine te tanken, en niet alleen vanwege de literprijs. De Armstrong Siddeley 14/40 Saloon staat bij dit prachtige tankstation van Thornliebank in de buurt van Glasgow in de jaren twintig. 15

[close]

Comments

no comments yet