16 65 Ledenblad Pictores december 2016

 

Embed or link this publication

Description

16 65 Ledenblad Pictores december 2016

Popular Pages


p. 1

1 OLnesdveornigbdleacdemnbrer6nr5It’sdecember 2016 jaargang 6 Diep is de Wereld, zelf dieper dan de Dag Secretariaat Pictores Beauvoorde: Marie-Cécile Clerinx tel 058 51 52 96 of GSM 0476 752 404 , Dijkweg 5A 8670 Oostduinkerke. Bezoek onze Website: www.pictores.be Inhoudstafel 1. Voorwoord : Toeren en Loeren 2016 2 Uit ‘The Age of Insight – Kandel’ (10) 3. Over afwezige Aanwezigheid in de Kunst (2) 4. Kunstgeschiedenis filosofisch bekeken (2) Auratische kunst: het begrip ‘aura’ bij Walter Benjamin 5. Yves Delplace - een licht onder de korenmaat 6. De werking van een glacis (2) 7. Kunst en Originaliteit 8. Constructief Tekenen geleid door B.Bridgman (9) 9. Poëzie (Lucretius) 10. Laat je inspireren door… 11. Atoomenergie (13)

[close]

p. 2

2 1.Voorwoord Toeren en Loeren 2016- De Beauvoordse Pictores Deze kunstmanifestatie is een aangepaste versie van ‘Buren bij Kunstenaars’ beperkt tot Veurne en zijn deelgemeenten. De ‘Beauvoordse Pictores’ doen hieraan mee maar hebben deze keer de warmte gezocht van de binnenstad Veurne. Wij nodigen U dus graag uit naar onze tentoonstelling. Je kunt ons bezoeken in ‘t Koetshuys , Lindendreef 5-7 Veurne tijdens de weekends van 10/11 en 17/18 december de toegang (via de tuin) is vrij tussen 14 en 18 u in het vooruitzicht op Kerstmis kun je er een lekker aperitiefje drinken 2. Uit ‘The Age of Insight – Kandel’ (10) Voor de lezer/invaller: Eric R.Kandel is een Joods Oostenrijks neuroloog die in 2000 de Nobelprijs ontving voor zijn onderzoek van de hersenen. Het wondere aan de man is dat hij en wetenschapsmens is en tegelijk gezaghebbend kunstfilosoof: beide domeinen bespreekt hij met hun interactie in het werk ‘The Age of Insight’ dat wij hier in ons ledenblad voor zover begrijpelijk proberen samen te vatten.(ISBN 978-1-4000-6871-5)

[close]

p. 3

3 27e Hoofdstuk: Universele esthetische normen en de Oostenrijkse Expressionisten Nicholas Conard is een Amerikaanse archeoloog, gespecialiseerd in opzoekingen ivm de voorhistorie. In 2008 ontdekte hij de oudste afbeelding van een menselijke figuur. Hij noemde ze de Venus van Hole Fels. Het figuurtje is gesneden uit het ivoor van een mammoettand en is ongeveer 35.000 jaar oud. Van dit vrouwelijk figuurtje zijn de borsten en de buik schromelijk overdreven in vergelijking bijvoorbeeld met het hoofd. Andere gelijksoortige Venusfiguurtjes, vijf tot tienduizend jaar jonger werden aangetroffen doorheen heel Europa. Tot welke cultus deze beeldjes zich leenden is zeer onzeker. Zeer waarschijnlijk waren het ‘vruchtbaarheidsbeeldjes’. De Oostenrijkse expressionisten, Klimt, Schiele en Kokoschka schilderden in zekere zin hun vrouwenfiguren in de lijn van deze Venusbeelden. Ook hier vinden we overdrijving die dikwijls met seksualiteit te maken heeft. Dit is dan een aanleiding voor ons onszelf vragen te stellen. In de opeenvolgende tijden zijn telkens nieuwe stijlen ontstaan in de expressie van emoties van agressiviteit, droefheid, vreugde, seksualiteit. Onze vraag is of er ook tijdsverbindende constanten zijn, rode draden doorheen die opeenvolgende expressies?

[close]

p. 4

4 Hoe worden deze algemene stijlkenmerken waargenomen en opgeslagen in het menselijk brein en waarom zijn zo indringend en krachtig? Kan wetenschappelijk vastgesteld worden wat dan vernieuwingen veroorzaakte in die opeenvolgende artistieke expressiewijzen? De verbinding van twee takken van de menswetenschappen heeft zeker hier een grote rol gespeeld: de combinatie van cognitieve psychologie enerzijds en anderzijds het modern hersenonderzoek. - Onder cognitieve psychologie verstaan we de tak van de psychologie die zich met cognitie bezighoudt, dus met al die psychische processen die te maken hebben met zaken als begrip, kennis, herinneringen en geheugen, probleem oplossen en informatieverwerking. De hierbij gebruikte methodes zijn indirect. Er wordt gebruik gemaakt van interviews, testen, groepsonderzoek, statistische verwerking, hypnose… - Hersenonderzoek is experimenteel en dus veel directer: dank zij de moderne beeldvorming (scanners) kent men nu al zeer gedetailleerd de anatomie van talrijke hersenstructuren. Door toediening van allerlei stoffen kan men ook de werking (fysiologie) ervan bestuderen. Een voorbeeld hiervan zijn de zogenaamde neurotransmitters. Dat zijn dan in de hersenen aanwezige stoffen die de zenuwstromen moduleren, eventueel blokkeren of in bepaalde richtingen sturen. Maar uiteindelijk is voor ons belangrijk hoe al die kennis klaarheid kan scheppen in de manier waarop een mens tegen een kunstwerk aankijkt en het realiseert. Pionier in deze neuro-esthetica was een zekere Semir Zeki. Deze Brit met Turkse roots slaagde erin tot op de hoogte van individuele hersencellen specifieke activiteit aan te tonen bij uiteenlopende kunstactiviteit. De zeer belangrijke stelling van Semir Zeki is dat de hersenen er natuurlijk op uit zijn de mens meer kennis bij te brengen maar dat dan

[close]

p. 5

5 vooral via de kunst meer en vlugger kennis kan bijgebracht worden dan door andere leermethoden. Optisch waarnemen (zien) is blijkbaar de beste tactiek tot kennisverwerving. En in kunst kijken we en leren we ‘zien’. nvdr: derhalve is de ‘redactie’ op zoek gegaan naar illustraties van dit kennisverwervend nut van de kunst. Wij denken aan de volgende voorbeelden: - noties over klederdrachten doorheen de tijden en naargelang de plaats - politieke figuren

[close]

p. 6

6 -filosofen, bouwstijlen, techniek, wetenschap, godsdiensten en rituelen,…. Belangrijker dan deze is het besef dat men door kunst te bekijken, eventueel te beoefenen, overlevingstechnieken oefent. Hieronder verstaat kunstfilosoof Dennis Dutton (kunstfilosoof, mediadeskundige, universiteitsprof Nieuw Zeeland) niet zomaar het naakte overleven (de dood overleven) dan wel de mogelijkheid zich via kunst evolutionair aan te passen aan gewijzigde levensomstandigheden in het milieu en in de maatschappij. Voorbeeld: Onlangs volgden we op TV de prachtige fictiereeks ‘Poldark’: Poldark is een verarmde landlord die de conventies opzij zet en zich inzet voor de arme bevolking op zijn domein. In deze context komt het ons voor dat jongeren en volwassenen van zo’n prenten heel wat kunnen opsteken: op de eerste plaats het genot van suggestieve beelden, kennis van de Schotse kuststreek, sociaal gevoel, Engelse woordenschat en vooral dank zij het uitstekend talent van de acteurs, het natuurlijk inspelen door woord- en lichaamstaal op opmerkingen en initiatieven (intrigues) van de anderen in je levensomgeving. Ook dat is een vorm van overleven. Je leert je gedragen in een sociaal verband. Door kunst krijg je sociale overlevingskansen. Lichaamstaal bij Poldark Lichaamstaal bij kleuters ……..

[close]

p. 7

7 Bij het ‘ter perse gaan’ van dit ledenblad lees ik op blz 3 van Knack-Boeken nr 42 de eerste zin van het openingsartikel : ‘Lezen is denken met de hersenen van anderen.’ Een schilderij bestuderen is toch ook een vorm van lezen, de expressie lezen door de ogen van de ‘andere’, de kunstenaar. Dit komt wonderwel overeen met onze these in bovenstaand artikel: wij leren van anderen en zijn aldus beter gewapend om te overleven …. 3. Over afwezige Aanwezigheid in de Kunst (2) ‘Wat gezegd kan worden, kan duidelijk gezegd worden, en waarover men niet spreken kan, daarover moet men zwijgen’(Wittgenstein) Wij hebben sinds ons novembernummer schatten van informatie gevonden over de paradoxale ‘afwezige aanwezigheid’ of/en ‘aanwezige afwezigheid’ in de kunst. Dit noopt ons tot een verder illustratief uitdiepen van bovenstaand statement. Wat de ‘redactie’ betreft: wij verkiezen de term ‘afwezige Aanwezigheid’. We zijn nu eenmaal geen nihilisten. Voor ons is de Aanwezigheid van onze existentie, al of niet transcendent, of in welke mate ook transcendent, voldoende zingevend. Wij vinden interessante illustraties hiervan bij: BAS JAN ADER (1942 – 1975 vermist op zee) Deze Nederlandse conceptuele kunstenaar die met zijn eigen leven zich in zijn laatste kunstwerk engageerde, is gekend om de expressie van het bewustzijn van zijn eigen kwetsbare existentie. We kunnen ons wel afvragen of dit over experimentele filosofie gaat dan wel over kunst. - Van hem zijn drie eenvoudige filmische valscenes gekend. Bas Jan Ader ervaart de zwaartekracht als de allerbelangrijkste factor die het gedrag van de mens beïnvloedt. De zwaartekracht grijpt nu eenmaal overal en alles aan binnen ons heelal. Als reactie hierop

[close]

p. 8

8 richt de mens zich op. Zelfs zijn bloeddruk en de doorstroming van bloed in de denkende hersenen worden erdoor bepaald… In zijn filmsequenties reduceert de kunstenaar het bestaan tot de ervaring van die zwaartekracht en mede tot het beperkte maar intens beleefde bewustzijn van het kwetsbare bestaan (existentiële beleving). Fall 1 Fall 2 Broken Fall In search of the miraculous, 1975 In 1975 stak Bas Jan Ader op 33-jarige leeftijd van wal in een kleine zeilboot (aangepaste Guppy 13) om solo de Atlantische Oceaan over te steken. Hij raakte echter vermist en ongeveer 10 maanden later werd zijn lege boot voor de kust van Ierland teruggevonden…ultieme existentiebeleving… ZEN Wij vinden bij Zen-mediatie veel van die afwezigheid/aanwezigheidsprincipes terug: het zich ontdoen van bijkomstige ervaringen en behoeften, het inzoomen op het allerbelangrijkst: het ego in al zijn kwetsbaarheid en zijn grootste belang, zijn verbondenheid met al wat ons omringt, waar ‘zijn’ en ‘niet-zijn’ samen vallen.

[close]

p. 9

9 DE TENTOONSTELLING ‘UITBLINKEND DOOR AFWEZIGHEID’ In kunstgalerij EMERGENT, Grote Markt 26 Veurne Nog tot 8 januari 2017 vrij toegankelijk op za en zo van 14 tot 18 u (tijdens schoolvakanties ook toegankelijk op do en vr van 14 tot 18 u) Tel 058 31 15 19 Kunstenaars: Jean-Marie Bytebier, Lukas Vandenabeele, Erik Colpaert, Wij hebben, eerlijk gezegd, geaarzeld ons te wagen aan een bespreking van deze kunstpresentatie. Wij vragen ons af: zijn de tentoon gestelde werken wel kunst? Kunnen ze dat zijn voor elke bezoeker? Of zijn ze dat enkel voor de exposanten? Wij menen dat wat wij hier zien eerder even veel uitnodigingen zijn tot zelf kunst bedrijven, een kunst die zoals hierboven opgemerkt dicht staat bij een experimentele filosofische existentiebeleving. De exposanten zien wij dan eerder als voorgangers die ons voorbeelden aanreiken, die ons vertellen hoe het voor hen mogelijk was. Onrechtstreeks heeft de ‘redactie’ Jean-Marie Bytebier leren kennen en zijn geabstraheerde landschappen leren waarderen. Wij denken dat zijn landschapservaringen een prelude zijn naar een in haar beperking nog diepere persoonlijke zijnsbeleving. Wij vinden het ook al even zinvol dat deze tentoonstelling de bijkomstigheid van grootstedelijke cultuurcentra achter zich laat en zich terugtrekt in een kleine stad onder oneindige landschapsluchten.

[close]

p. 10

10 een taal die op niets slaat l’abus des lignes Veurne, een kleine stad onder de onmetelijke luchten van de Westhoek symbool van haar door haar beperking des te intenser levensbewustzijn… het spoor van een mens Deze tentoonstelling is drager van kunstschragend inzicht = een bouwsteen naar waarachtig kunstenaar zijn.

[close]

p. 11

11 4. Kunstgeschiedenis filosofisch bekeken (2) Het begrip ‘Aura’ bij Walter Benjamin Wie is Walter Benjamin? Walter Benjamin (1892-1940) was een Joods-Duits en Marxistisch cultuurfilosoof. Hij publiceerde in verband met filosofie, Joodse theologie, literatuurkritiek en kunstgeschiedenis. Aanvankelijk was hij actief in een Joodse jeugdbeweging in de nogal naïeve overtuiging dat de jeugd de wereld zou veranderen. Deze gedachte was in die tijd nogal algemeen ook in christelijke, fascistische en marxistische kringen. Denk maar voor Vlaanderen aan AVV VVK en het ‘Vlaanderen hernieuwen in Christus’ in de Jong-Vlaamse KSA. Wij hebben de indruk dat Benjamin als Jood niet al te koosjer was. Hij zal wel vrijzinnig en libertijns geweest zijn. Zijn huwelijk kwam in elk geval meermaals in het gedrang door verschillende driehoeksverhoudingen. Door zijn contacten met Lukacs, Theodor Adorno en Bertolt Brecht werd hij een overtuigd marxist. Het enorme prestige dat hij ondertussen opgebouwd had in cultureel West-Europa was een doorn in het oog van de toenmalige totalitaire rechtse regimes. Bij het uitbreken van de oorlog in 1939 werd Benjamin als Duits onderdaan in Frankrijk geïnterneerd maar na korte tijd vrijgelaten. Door een foutieve inschatting van zijn situatie geraakte hij niet tijdig weg uit West-Europa. Als Jood en tegelijk als marxist achterna gezeten door de Duitse Gestapo, het collaborerende Pétainregime en de ook al fascistische Spaanse politie van Franco, beëindigde hij tenslotte zijn leven in de Spaanse grensstad Portbou. Walter Benjamin is de geschiedenis ingegaan als een der grootste cultuurfilosofen van de 20é eeuw. Het kunstessay van Walter Benjamin Een essay is een beschouwende prozatekst of een artikel over een wetenschappelijk, cultureel of filosofisch onderwerp, waarin de schrijver zijn persoonlijke visie geeft op hedendaagse verschijnselen, problemen of ontwikkelingen.

[close]

p. 12

12 Het essay dat Walter Benjamin vooral bekend heeft gemaakt als kunstcriticus/filosoof heeft als titel: ‘Het Kunstwerk in het tijdperk van zijn technische reproduceerbaarheid’. Het werd gepubliceerd in 1936 in de periode van de eerste spraakmakende films o.a. 1935 Triumph des Willens (Leni Riefenstahl): nazipropagandafilm over de Olympische Spelen van Berlijn en 1937 Sneeuwwitje en de zeven Dwergen (Walt Disney): eerste animatiefilm langer dan 1u. Hoezeer ook dit werk van regisseur Leni Riefenstahl geprezen werd als een monument van filmisch kunnen, de Aura van het Simulacrum lag bij het virtuele Führerbeeld in de hersenknopen van het grootste deel van de Duitse bevolking. De hedendaagse kleur- en geluidstechnieken zijn die van 1937 ver voorbij. De oorspronkelijke prent is ondertussen grondig gerestaureerd. Maar ook hier is de Aura van het filmdoek verschoven naar de herinnering van de kinderen die we toen waren, de tachtigjarigen van nu…

[close]

p. 13

13 De begrippen ‘Aura’ en ‘Auratische Kunst’ zijn typisch voor de kunstfilosofie van Benjamin en moeilijk te omschrijven. We kunnen vertrekken van de woorden: aurora=aurore=morgenstond=zonsopgang en van: aureool = lichtkrans rond het hoofd van een heilige…en dus verwijst het woord naar iets dat zeer achtenswaardig is, in de kunst de overweldigende indruk die een meesterwerk maakt op de toeschouwer. Benjamin beklemtoont de zelfstandigheid (autonomie) van een kunstwerk: dit is kunst op zichzelf zonder haar bijbetekenissen (context) of verduidelijking. Maar tegelijk waardeert Benjamin de rijkdom die een context aan een kunstwerk kan toevoegen. Dit laatste bijvoorbeeld van uit de persoonlijke ervaringen van de toeschouwer. De filosoof was erg positief ten aanzien van de mogelijkheden van het nieuwe kunstmedium (kleur)fotografie en film. Maar anderzijds trof hem het gemak waarmee deze meesterwerken technisch gekopieerd konden worden. Hierdoor gaat volgens Benjamin de ‘aura’ van dit soort kunstwerken verloren. Hij spreekt in dit verband van het ‘wegkwijnen’, het ‘ineenschrompelen’ en het ‘vergruizen’ van de aura van het kunstwerk. De aura van een kunstwerk is geworteld in zijn ‘hoogst gevoelige kern’, namelijk zijn ‘echtheid’, ‘uniciteit’ of ‘authenticiteit’ als origineel. In het ‘unieke’ ofwel eenmalige, en niet in het ‘gelijksoortige’, is de aura van een werk gegrond. nvdr: wij menen met dit begrip ‘aura’ heel dicht te staan bij de ‘idee’ van Plato. Technische replieken daarentegen missen deze aura omdat ze een vluchtig, herhaalbaar, kunstmatig karakter hebben. Als Benjamin onder de indruk kwam van een kunstwerk, hoe zelfstandig en uniek dit ook was, was bij hem altijd een koppeling aanwezig met een vage eerbied voor de oorspronkelijke rituele functie van een gebruiksvoorwerp. Als ‘redactie’ proberen we dit te illustreren: ←←

[close]

p. 14

14 de postmoderne vorm is niet los te maken van wat die vorm historisch ooit was, de oorspronkelijke gebruikswaarde: ‘alles is in alles’ Zo schrijft Benjamin: ‘De unieke waarde van het authentieke kunstwerk is gefundeerd in het ritueel ,de bron van zijn oorspronkelijke en eerste gebruikswaarde.’. ‘Hieruit valt op te maken dat de aura van een werk ook verband houdt met het besef van een onbereikbare, en daardoor mysterieuze, transcendentale of wellicht zelfs sacrale afstand, ‘een verte, hoe nabij ze ook is’., Met ‘transcendentaal’ en ‘sacraal’ bedoelt Benjamin zeker niet het kunstding in de heilige sfeer te plaatsen van een echte bovennatuur zoals christelijke en joodse of islamgodsdiensten deze termen bedoelen. Tot de grenzen van de materie beperkte transcendentie en sacraliteit eerbiedigen het kunstwerk zoals het is en dat is zeker niet min. Benjamin betreurt inderdaad het teloorgaan van de ‘aura’ bij het in serie namaken van een kunstwerk. wij illustreren dit met het extreem voorbeeld van de Spar-boodschappentassen met daarop een kunstwerk van Rik Wouters Dit sluit niet uit dat Benjamin wel degelijk enthousiast was voor de technische bewerkingsmogelijkheden van foto’s en films. Digitale creativiteit heeft hij nooit beleefd. Hij zou ze zeker geapprecieerd hebben. Uit ‘Critical terms for Art History’ halen we twee voorbeelden waarbij juist moderne bewerkingstechnieken de ‘aura’ verschuiven van de werkelijkheid naar het virtueel beeldsimulacrum. Wij kunnen deze voorbeelden echter niet als illustratie gebruiken wanneer we niet eerst een woord zeggen over een andere kunstfilosoof/fotograaf/Marxistisch geïnspireerd/voldoende vrij om dit Marxisme te interpreteren…

[close]

p. 15

15 Wie is Jean Baudrillard? Jean Baudrillard (Reims, 20 juli 1929 - Parijs, 6 maart 2007) was een Franse socioloog, mediawetenschapper, cultuurcriticus en postmodern filosoof. Als wijsgerig socioloog bleef hij altijd ietwat een buitenstaander die nooit tot een stroming heeft willen behoren. Zie hierboven…geen orthodoxe, wel een interpreterende marxist. - Baudrillard bouwt voort op de auratische opvattingen van Walter Benjamin: maar dan sterk geïnterpreteerd. Bij hem vinden we ook de erkenning van de uniciteit van het kunstwerk/simulacrum maar meer dan zijn voorganger heeft hij oog voor de vele boeiende technische mogelijkheden van de moderne digitale fotografie, filmtechniek, mediatechnieken. Hij is tenslotte jonger dan Benjamin en dus meer upgedated. Tegelijk is hij geïnspireerd door een idee van de literair Oscar Wilde die beweert dat de originaliteit van wat elk individu denkt eigenlijk een verzameling is van wat vele anderen (ouders, leraren,…) hem geleerd hebben: originaliteit is dus eigenlijk niet zo origineel ofwel originaliteit ligt meer in het spectrum van ideeën die in iemand blijven hangen. Zo onderscheidt Baudrillard reeksen verwante werkelijkheden waarin soms moeilijk de authentiekste te onderscheiden zijn. Uiteindelijk evolueert hij naar een zeer pessimistische visie waarin hij de moderne beeldvorming totalitaire effecten toeschrijft die het simulacrum als uniek kunstding vernietigen. Voorbeeld 1 : op 22 augustus 1984 wordt tijdens de presidentiële verkiezingscampagne van Ronald Reagan tijdens de Republikeinse Nationale Conventie, op een reuzenscherm de foto geprojecteerd van de presidentskandidaat terwijl heel kleintjes beneden kandidaat first-lady Nancy naar hem staat te wuiven.

[close]

Comments

no comments yet